Dit ben ik niet of dit ben ik ook

Wie ben jij eigenlijk.

Die vraag wordt me als actrice wel eens gesteld, met name op het moment dat mensen zich verwonderen over hoe ik kort daarvoor een transformatie liet zien van mijzelf als trainingsactrice die nog geen personage speelt, naar personage en daarna weer terug.
Voor mij is het glashelder wie ik ben. Ik ben alles wat ik doe en een van de dingen die ik kan doen is een rol aannemen. Die verschillende rollen kan ik goed onderscheiden. Van elkaar. En van wat ik in het dagelijks gebruik ‘ik’ noem.
Toch herken ik wat ik las in het blog van Steven Gort  over hoe hij iets deed waarvan hij later vond dat het niet bij hem paste, sterker nog: waarvan hij vond dat hij zichzelf ermee had verloochend.

Een herkenbaar fenomeen, dat vooral lijkt te ontstaan op het moment dat er een vorm van verantwoording speelt (ten opzichte van jezelf of van anderen).

De politicus die zegt: “Met de kennis van nu zou ik anders beslissen.”
De verdachte die tegen de rechter zegt: “Ik was mezelf niet.”
Twee mensen die de nacht deelden en zeggen: “Normaal doe ik dit nooit.”

Als je schrijft “ik had die tweet liever niet geschreven, want dit ben ik niet echt,” wie tweette het dan?

Intrigerend is dat zo’n statement suggereert dat er twee entiteiten zijn. De ‘ik’ die als echt wordt beleefd en een andere entiteit die die ‘ik’ dus kan verloochenen door iets te doen wat ‘niet echt ik’ is.

Ik moet ook denken aan wat Argyris schrijft over twee soorten actietheorieën: je voorkeurstheorie en je gebruikstheorie.

Je voorkeurstheorie is hoe je over jezelf verklaart: zo ben ik, zo denk ik over hoe je moet doen. En je gebruikstheorie is de actietheorie die uit je gedrag kan worden opgemaakt.
Een actietheorie is kort gezegd de logica omtrent gedrag: als ik x doe, gebeurt er y.
Zo kan onderdeel van je voorkeurstheorie zijn: ‘ik ben iemand die zegt waar het op staat,’ en kun je achteraf tweets van jezelf teruglezen waaruit je opmaakt: ik zeg niet altijd waar het op staat. Op het moment dat je doet wat niet overeenkomt met je voorkeurstheorie, is je gebruikstheorie in werking.
Je gebruikstheorie, zo ontdekte Argyris, wordt vaker gevoed door defensieve motieven. Bijvoorbeeld de behoefte om controle te houden, liever te winnen dan te verliezen, gezichtsverlies te voorkomen bij jezelf en anderen, rationeel te blijven in tegenstelling tot je emotioneel tonen.
Zo kan het zijn dat je je(voorkeurs)zelf verloochent, omdat dat andere stuk van jou in enkele seconden inschatte dat het nodig was je te beschermen en je aanzette om iets anders te zeggen of te doen dan je eigenlijk vindt dat je moet doen of zegt te willen.
Meestal gebeurt dat op grond van beperkt informatie. De beschermingsroutine is grotendeels geautomatiseerd om vooral geen tijd verloren te laten gaan (tijd waarin veronderstelde schade kan ontstaan). Als er later tijd is om meer informatie te betrekken, kan het dus zijn dat je erop terugkomt of afstand neemt van wat je deed.

Er zijn wetenschappers die stellen dat de vrije wil niet bestaat. In dat geval wordt het helemaal moeilijk te spreken van een ik en een niet-ik.

Chicken out

Als ik aan een kip denk, denk ik aan de karakteristieke motoriek. Kop naar voren, kop naar achteren. Ik ben er ik ben er niet ik ben er ik ben er niet.
Al is een deel van ons gedrag geautomatiseerd en kan het verdraaid lastig zijn om een voet tussen de deur van dat automatisme te krijgen, mijn voorstel is toch: let’s not chicken out.

Iets kan misschien meer of minder goed voelen, toch ga ik er voor het gemak vanuit dat alles wat je doet en laat hoort bij ‘jezelf’. Je kunt het niemand anders toeschrijven, het behoort ook niet toe aan de openbare ruimte, dus wat je doet ben je zelf.
Op het moment dat we het deden hadden we er goede redenen voor. Als die zich aan ons zicht onttrekken: laten we die redenen dan leren kennen. En ze herkennen als ze zich weer aandienen op een volgend beslismoment. En zo onszelf al doende vormgeven. En onszelf niet in de steek laten. Noch de verantwoordelijkheid voor wat we doen ergens anders leggen dan bij onszelf.
Dat doen er al genoeg.

Liked this post? Follow this blog to get more. 

7 thoughts on “Dit ben ik niet of dit ben ik ook”

  1. In oosterse tradities wordt uitgegaan van ‘I am’. Elk woord wat achter ‘I am’ geplaatst word is niet ‘jezelf’ …het is een identificatie. B.v. I am angry, I am a leader, I am tired, I am the best one, I am the boss, I am sad, I am coach/trainer/actrice/manager, enz. enz.
    ‘I am’ wordt dan gezien als wie je werkelijk bent. De rest (wat er achter komt dus…)is identificatie en gehechtheid, waar wij mensen zich achter kunnen verschuilen en waardoor onze echtheid (en kwetsbaarheid) verborgen blijft.
    En daar doen we dan ons hele leven over om daarachter te komen 😉
    Ik voel me verwant met deze oosterse zienswijze.
    Heb je wel n’s wat meegekregen over karakterstrukturen van Wilhelm Reich? Ik zie wat overeenkomsten met wat jij schrijft.
    Lisette Schuitemaker (vriendin) schreef onlangs ‘n boek ‘De 5 Kindconclusies’, gebaseerd op karakterstrukturen. Heel boeiend en herkenbaar!

    Interessant onderwerp heb je aangesneden. Dank! Het raakt bij mij aan ‘filosofische overwegingen’.
    Vandaar ook deze reactie van mij op je blog.

  2. Elly, dank je wel voor je reactie.
    Ik heb gekeken naar Reich en de 5 kindconclusies van Lisette. Ik kan me je associatie voorstellen. Argyris stelt dat de defensieve leidende principes universeel zijn (in ieder geval in de Westerse wereld). Dat ze daardoor raken aan andere beschrijvingen, principes of modellen die vanuit een andere hoek perspectief bieden op zulke fenomenen, is logisch en herkenbaar.
    Ik en niet-ik als ervaring vind ik een boeiend fenomeen. Ook door het acteren. Ben ik ‘ik’ als ik acteer of niet. En zo niet, waar haal ik het dan vandaan? 🙂

  3. Interessante gedachte natuurlijk. Op internet werken we hard aan wie we willen zijn. Ik ben meer van de oprechtheid. Dus, meen je wat je zegt en kun je het tegenover jezelf verantwoorden. Een verantwoording in de vorm van ‘zo ben ik niet’ is lastig. Het klinkt meer als ‘zo zou ik niet willen zijn’. Maar hier voel ik een reactie in de vorm van een blog opwellen…

  4. Interessant stuk!
    Het ‘chicken out’-beeld vind ik mooi gevonden. Ik denk nu dat ik echter de hele dag aan kippen zal denken (hoewel dat niks voor mij is……..;-)).

  5. Yes! Loes Argyris Wouterson geinspireerd tot een blog. Dat pakken ze mij niet meer af!

    Je bijdrage is secuur en waardevol. Deskundig. En tegelijkertijd voor mij weinig toegankelijk. Ik heb het nu zeker 3x gelezen. En ik beken dat ik heel veel moeite heb om enigszins te begrijpen wat je zegt.

    Ik raak je kwijt bij het onderscheid tussen voorkeurs-, gebruiks- en actietheorie. Kan dat niet (direct) vatten. Krijg het niet toegepast op het voorbeeld uit mijn eigen blog. De mopperstand tegenover de vrolijke stand. Mopperen en vrolijkheid als gebruik/actie? Mijn idee over protected tweets als voorkeur? Ik kleur het in met schroom. Onvoldoende idee hoe te begrijpen.

    Zo even onderweg de failliet verklaarde vrije wil als optie inbrengen vind ik wel humor. Daaromtrent ben ik echter eigenwijs. Mijn geloof is hier leidend. Mijn overtuiging is dat ik op dat religie aspect nadrukkelijk een eigen, vrije wil heb. Dat laat ik mij door niemand afpakken.

    Dat met die kippen sla ik over. Je uitsmijter vind ik heel mooi. Onszelf vormgeven. Onszelf niet in de steek laten. Incasseren en kruin omhoog (uit je delen? blog). Mijn voorkeur probeert uit het kippenei te kruipen. Denk ik. Dat is het beeld dat na deze blog blijft hangen. Ik hoor ‘t wel als ik mis zit. Kan ik mij daarna weer omvormen.

    PS
    Later vandaag publiceer ik mijn eerste #WOT blog. Mijn associatie met het woord Nieuw. In dit verband relevant. Ik niet als nieuw. Ik als bewust. In het hier en nu. Zo kan mopperstand en vrolijke stand ook na(aast) elkaar bestaan.

  6. Ha Steven,
    – Loes/onbegrijpelijke/Wouterson hier –

    Een actietheorie is: je logica over je handelen.
    Je voorkeurstheorie is wat je erover zegt of verklaart.
    Je gebruikstheorie is de logica die uit je gedrag blijkt.
    Er zit regelmatig een gat tussen.

    Jij ervoer dat gat toen je iets had gedaan wat eigenlijk niet jouw voorkeur had.
    Toch had je het gedaan. Dus het wordt ergens door aangestuurd. Ik denk door je gebruikstheorie.

    Je voorkeurstheorie zou kunnen zijn: ik vind dat ik mezelf moet zijn op twitter want dan voel ik me daar prettig bij.
    Jezelf kunnen zijn dient dan het belang: je prettig voelen.

    Waarom paste je dan toch je tweets aan?
    Wellicht omdat er “competing commitments” zijn, in Argyris’ taal en in onze moerstaal: conflicterende belangen.
    Aan dat andere, conflicterende belang komt je gebruikstheorie tegemoet met bijbehorende gedrag.

    Dat gedrag was: vrolijkere tweets schrijven.
    Je gebruikstheorie, die dat aanstuurde zou kunnen zijn:
    ik wil niet zodanig mezelf zijn dat ik door mijn uitingen op anderen overkom als een vervelende mopperaar.
    (Jij kunt dat zelf vast beter formuleren, zodra je erachter bent wat je dreef om je tweets aan te passen. En wat het beoogde resultaat daarvan was.)
    Het conflicterende belang is dan: ook door anderen gezien worden als een prettige, niet al te mopperachtige persoon.

    Je prettig voelen door jezelf te zijn conflicteert dus met door anderen gezien worden als een prettige, niet al te mopperachtige persoon. (Dat hoeft niet altijd zo te zijn, maar dat was nu wel het geval – gezien de reacties die je kreeg).
    Door jezelf als het ware op te splitsen in ‘ik’ en ‘niet-ik’ werd je je bewust van dat belangenconflict.

    Achteraf kwam je erachter dat voor jou in die twee strijdende belangen (jezelf zijn en je aanpassen)de balans doorsloeg naar het belang waarover je verklaart: jezelf kunnen zijn op twitter. En de evt. negatieve bijeffecten heb je daar voor over.

    Nu wel helder?
    Het maakt nog maar weer eens duidelijk dat het werk van Argyris zich niet zo eenvoudig laat kennen. Misschien moet die man ‘s wat meer zichzelf zijn 😉

  7. Dank voor je uitgebreide toelichting. Dat helpt. Dit is de voor mij toegankelijke versie. Op maat gesneden.

    Wat mij nu echt dreef om die tweets aan te passen weet ik nog zo net niet. Het gat tussen de vraag Maar waarom deze ochtend dan niet? en mijn leerpunten heb ik nog niet gedicht.

    Ik ga er gemakshalve maar vanuit dat ik het geen probleem vind dat er soms/vaak een gat zitten tussen mijn voorkeur en gebruik. Me daarvan bewust zijn en soms in voorkomende gevallen daarop reflecteren lijkt me (voor dit moment) voldoende.

    Dank je wel.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *