Luisteren

Je wordt pas gehoord als je luistert

 

Ruim een jaar geleden kwam ik met haar in contact via Linkedin. Iemand plaatste een link naar een blog over haar werk als ‘Chief Listening Officer’. Alleen deze benaming riep al veel discussie op. Het artikel leidde tot 214 ‘comments’.
Wat in vredesnaam een Chief Listening Officer moest zijn. En toen duidelijk werd dat het ging om een functie van iemand die zich erop toelegt naar patiënten te luisteren in een ziekenhuisomgeving, werd de verbazing niet minder (“Moet je daar speciaal iemand voor aanstellen? Belachelijk! Dat moet elke professional in de zorg gewoon doen!”)
 
Er zijn veel discussies op linkedin. Waarom hield deze me bezig?
Ik kan mijn gedachten van toen niet meer precies terughalen. Ik vermoed dat het iets te maken heeft met het instellen van iemand specifiek met de functie om te luisteren, waardoor ik opnieuw ging nadenken over wat goed luisteren nu eigenlijk is. En met het fenomeen dat de mensen die het stevigst poneerden dat luisteren iets vanzelfsprekends moest zijn, het minst luistergedrag vertoonden in de discussie.  (Ik heb als uitgangspunt dat je ook in geschreven discussies luistergedrag kunt tonen.)
 

En zo kwam ik in contact met de vrouw met deze bijzondere functie, die kenbaar maakte dat ze een training gaf. Luisteren.
 
Afgelopen week was ik bij die training. Als ruil. Ik meeluisteren naar wat ze wilde delen over luisteren. En zij mijn mogelijkheden benutten om me in te zetten bij oefeningen rondom luistervaardigheden.
 
Luisteren is als een draadje aan een trui. Als je er aan trekt, ontdek je hoeveel eraan vast zit: alles wat zich tussen jou en de ander afspeelt, gezegd en gezwegen. Alles wat zich binnen in jou afspeelt tijdens het luisteren wat het horen beïnvloedt. Je vermogen kenbaar te maken wat je hoort, en zo ook zichtbaar te maken wat je niet gehoord hebt, en welke betekenissen je eraan geeft.
 
Tegenover me in de training zat een vrouw die met mij wilde oefenen hoe ze goed kon blijven luisteren naar een verhaal van iemand zonder te snel de aanname te doen dat ze de ander (mij) begreep. Ik noem haar Yvette. Yvette stond in de organisatie en de groep bekend als iemand die veel geeft en altijd interesse toont.
We creëerden een oefensituatie, waarin ik een verhaal vertelde als moeder van een kind dat niet goed kon meekomen op school en misschien naar bijzonder onderwijs zou moeten. Ingeleefd vertelde ik over ‘mijn’ kind en al snel zag ik aan Yvette’s gezicht dat ze meeleefde met het verhaal. Binnen enkele minuten vertelde ze over wat ze in mijn verhaal herkende en wat ze toen zelf had gedaan. Dat was niet wat ze zich had voorgenomen.
We zetten de oefensituatie stop.
In haar luisterde iemand mee, die veel herkende en wier gevoel naar de voorgrond kroop. Door aan deze innerlijke persoon (laten we haar ‘de meelever’ noemen) aandacht te besteden, lukte het Yvette om de kwaliteit van ‘de meelever’ te zien (vermogen tot inleven) en haar te begrenzen (niet het gesprek overnemen). Met nieuwe ruimte begon Yvette het gesprek met mij een tweede keer. Met precies genoeg inleving om mij te begrijpen, zonder zelf ‘vol te lopen’ met gevoel en zonder de daaruit voortvloeiende tips en adviezen.
Erkenning en gehoord worden, leken sleutelwoorden.
Ergens moet er balans zijn. Je kunt je niet eindeloos laten vollopen door verhalen van anderen en belangeloos luisteren. Dat liet het innerlijk personage van Yvette zien: de eigen behoeften. Eerst je eigen zuurstofmasker opzetten voor je anderen gaat helpen (vliegtuigreizigersinstructies).
 
 

ipod-headphones-listen

 
 

‘Wat goed dat je het de tweede keer direct kon toepassen en zo anders in het gesprek stond,’ zeiden we tegen Yvette, die onmiddellijk uitlegde waarom dat lukte.
‘Wacht even,’ zei ik. ‘Je kreeg een compliment.’
‘Ja, maar…’
‘Wacht even.’
‘Ja.’
Haar gezicht werd rustig.
Landing.
Zuurstofmaskers af.
 

Aan het eind van de dag liep ik naar de auto en zag ik dat ik een lekke band had. Nog ruim anderhalf uur te rijden en daarvoor nog een klein uur wachten op de wegenwacht. Tijd genoeg om even te zitten op een bankje, buiten, in vriendelijk septemberweer. En te mijmeren over de onwaarschijnlijke rijkdom van het luisteren.
En over die ene gedachte die in mijn hoofd bleef, nadat Yvette ongewild haar compliment niet ontving:
 

Je wordt pas gehoord als je luistert.

  
 

  

Liked this post? Follow this blog to get more. 

Share this Post