Angst

Toen de schrijver Harry Mulisch overleed en zijn boeken massaal herleefden in vele boekenwinkels, vond ik dat ik eindelijk zijn boek over de zaak Eichmann (“De zaak 40/61”) maar eens moest lezen. Zo ging het boek mee in de koffer. Geen vakantieliteratuur, wellicht, en dan toch: mijn vergaste familie kon zich ook niet beroepen op vakantiegevoel.

Waarom is de meest zinloze vraag, waarop het antwoord het dringendst gewenst is.

En wat is de reden (je merkt het: ik vermijd ‘waarom’) dat het antwoord op de waaromvraag zo belangrijk is?
Ik denk dat het omgaan met zinloosheid te ingewikkeld is. Het vermogen na te denken en te beredeneren blijft onbevredigd. En de wens om te leren ook.

Onze hersenen zijn gericht op foutendetectie. Dat ze zo zijn ingesteld doet vermoeden dat leren in verband staat met het overlevingsbelang.

Het roept de vraag op waarom leren vaak gelinkt is met pijn. En minder vaak met plezier of genot.

Mensen die zich aanmelden voor de WWLA opleiding  zijn zonder uitzondering supergemotiveerd. Zij maken welbewust een keuze voor het deelnemen aan een leersituatie. Wanneer je ze vraagt naar hun motivatie, zeggen ze allemaal dat ze graag willen leren. (Espoused theory – Argyris.)

Ik twijfel geen moment aan de integriteit van deze intenties. Toch zie ik bij deze groep lerende mensen hetzelfde fenomeen als bij minder gemotiveerde ‘leerlingen’: dat ze alles wat ze doen het liefst in één keer goed doen. Met andere woorden, dat ze het liefst geen fouten maken.

En dat is in het licht van leren natuurlijk bijzonder. Als je geen fouten maakt, kun je het al, en wat zou je dan nog moeten leren?

Pijn

Pijn is het volgende woord dat in gedachten komt.
Pijn is een signaal van ons lichaam om ons te waarschuwen. Emoties zijn belangenbehartigers, zei Nico Frijda eens in het NRC. Lichamelijke en emotionele pijn zetten ons in beweging. Ze zetten aan tot actie om ons zelf te beschermen.

Zo is de zin van pijn helder.

Het wordt nog duidelijker als je de verhalen leest over Gabby Gingras en Menevse Doruk, respectievelijk een meisje en een vrouw, die sinds hun geboorte geen pijn voelen. Het lijkt een gelukzalige staat. Wie foto’s ziet van de beschadigingen aan het lichaam van Gabby, ruilt dit veronderstelde paradijs graag weer in voor het pijnalarm.

Dus pijn is nuttig.
Toch vermijden we de pijn het liefst.
Gezien het nut, lijkt vermijden onlogisch.

Angst

Waar in deze constructie, heeft angst een plaats?
Waar pijn waarschuwt voor schade indien we geen actie nemen, lijkt angst te waarschuwen voor de pijn.
Is angst dan ons leerrendement? Doordat we bang zijn en anticiperen op pijn, moeten we in staat zijn schade te voorkomen?
Dan zou een angstig leven getuigen van grote geleerdheid.
Verstikkend is het wel: alleen al de gedachte aan ‘angstig leven’.

Een medestudent aan de Arnhemse Toneelschool, vertrouwde mij eens toe wat zijn grootste last in het leven was.
“Angst,” zei hij. Hij keek me aan en wachtte op mijn instemming.
Ik begreep er echter niets van.
“Angst? Waarvoor dan?”
Op zijn beurt begreep hij niets van mijn vraag.
“Waarvoor? Gewoon. Angst. Niet per se ergens voor. Angst. Angst op zich.”

Inmiddels, vele jaren verder, begrijp ik onze conversatie beter.
Hij verwoordde wat veel mensen ervaren als ze geen grip hebben op wat hen beangstigt. Ik kom ze tegen in coaching. In toneel- en filmpersonages.  In boeken.
Ik verwoordde de regie.

Pijn heeft een functie en kan toch disfunctioneel zijn.
Als het signaal is geweest en de pijn houdt toch aan, wat is dan het belang?
Als angst abstract wordt en niet meer tot actie aanzet maar verlamt, wat is dan het belang?

Het matige weer deze zomervakantie, bracht me naar de film Green Lantern. Hierin kwam een wezen voor, dat leek op een mega-inktvis en dat angst voorstelde als een entiteit. Dit angst-wezen voedde zich met angst van anderen. In de film is het belang van angst dus geëxternaliseerd: we voeden er het grote wezen buiten onszelf mee. Een griezel waarvan we slachtoffer zijn. Een Amerikaanse film zou geen Amerikaanse film zijn, als de held niet de kwaliteit in zichzelf vond het angst-monster te verslaan.
Moed.

En zo zie ik ze.
Moedige mensen, die in coaching de cirkel doorbreken waarin pijn en angst de regie hebben, en zelf de regie ter hand nemen.
Moedige mensen in lessen en trainingen, die zich niet laten belemmeren door de angst om fouten te maken.
Moedige vrienden en vriendinnen, die zich niet neerleggen bij hun pijn, en zich steeds opnieuw tot het leven verhouden. Andere perspectieven zoeken. Opnieuw proberen. Leren.

Terug naar waar we begonnen.
De zaak Eichmann.
Er is pijn en angst die te groot is voor een mens.
Het is dan ook een haast onmenselijke opgave die terug te brengen tot voor een mens draaglijke proporties.
Etty Hillesum deed het als volgt:
“Ik voel me veeleer een klein slagveld, waar de vragen of een enkele vraag van deze tijd uitgevochten wordt. Die vragen moeten toch een onderdak hebben, een plek vinden waar ze kunnen strijden en tot rust komen, en wij, arme kleine mensen, moeten onze innerlijke ruimte voor ze openstellen en niet weglopen. De enige zekerheid hoe je moet leven en wat je moet doen, kan toch alleen maar opstijgen uit die bronnen die daar in de diepte bij jezelf opborrelen.”

Ergens in jezelf ligt de informatie besloten over wat je hebt geleerd van eerdere pijn. Informatie over waar je bang voor bent in de toekomst.
En dit is wat ik wil:
De regie nemen over pijn en angst. Ik ben bereid hun nut te erkennen. Maar zij dienen mij en niet andersom.

Liked this post? Follow this blog to get more.